15 april 2006

Hulde voor minister Minister Karla Peijs,

 De APK-keuring voor auto’s van voor 1960 vervalt en auto’s van 30 jaar en ouder hoeven  natuurlijk ook nog maar eens in de twee jaar te worden gekeurd.

bron:  http://www.verkeerenwaterstaat.nl/cgi-bin/nieuws/vwn_p.pl?arch_srcID=2945&id=1

juli 2004

Auto's ouder dan 30 jaar krijgen om de twee jaar APK keuring

De kamer heeft het voorstel van minister Peijs overgenomen om voertuigen met een bouwjaar van voor 1960 van de APK plicht uit te zonderen en bij voertuigen van ouder dan 30 jaar de APK frequentie terug te brengen van jaarlijks naar tweejaarlijks. Later zal bekent worden gemaakt wanneer deze regeling van kracht wordt.

Peijs vindt dat dit kan omdat het aantal afkeuringen in deze categorie door goed onderhoud te verwaarlozen is, en het keuren daarnaast organisatorische problemen met zich meebrengt vanwege de specifieke kennis voor deze voertuigen.

De minister gaat op verzoek van PVDA kamerlid Dijksma wel de mogelijkheid bekijken om semi-historische auto's die veel kilometers maken en weinig onderhoud plegen te onderwerpen aan een extra controlebeurt.

LPF 'er Hermans pleitte ervoor om historische diesels toch vaker dan één maal per twee jaar aan een roetmeting te onderwerpen. De minister ging hier niet in mee omdat het volgens haar maar om een kklein aantal auto's gaat.  Bovendien is de minister bij klassiekers gebonden aan toelatingseisen en type- goedkeuring zoals die van kracht waren toen deze auto's nieuw op de markt kwamen.

 

toch iets bereikt !!!

 

milieuvervuiling = auto`s om de drie of vijfhonderd kilometer keuren!!!!!!!!

APK van historische voertuigen, gewoon ieder jaar keuren soms om de driehonderd kilometer.

De keuringseisen die bij de Algemene Periodieke Keuring worden toegepast zijn gebaseerd op voertuigen van recente datum, die direct na fabricage worden ingevoerd en waarvoor een typegoedkeuring is verkregen.
Om het probleem te ondervangen, dat oudere voertuigen deels niet voldoen aan de huidige eisen is door de Rijksdienst voor het Wegverkeer een speciale regeling voor historische voertuigen getroffen, waarbij de keuringseisen worden gerelateerd aan het bouwjaar van het voertuig.

De regeling is van toepassing op voertuigen (lees: personenauto's, vrachtauto's en opleggers, aanhangwagens en bussen), die ouder zijn dan 15 jaar. In 1996 is de regeling dus van toepassing op voertuigen waarvan de datum van fabricage is gelegen voor 1981 en die beschouwd kunnen worden een historische waarde te bezitten. Dus niet een wrak, maar een voertuig dat in goede staat van onderhoud verkeert!
De grens van 15 jaar is een opschuivende grens. De voertuigen in deze categorie kunnen soms niet aan enkele hedendaagse eisen voldoen, omdat bij ontwerp en productie van het voertuig alleen rekening werd gehouden met de toenmalige eisen.

Bouwjaar

Het bouwjaar van een voertuig kan meestal worden vastgesteld met behulp van kenteken deel I. Soms echter is de datum van toelating tot het verkeer in Nederland verschillend van de datum van productie of import.

Kenteken deel 1: Interpretatie

De keuringseisen voor voertuigen ouder dan 15 jaar worden, indien het voertuig niet aan de hedendaagse eisen voldoet, gerelateerd aan het bouwjaar. Hierbij wordt gekeken naar de datum van eerste toelating tot het verkeer ergens op de wereld. De keuringseisen gelden vanaf een bepaalde dag of maand van het jaar na welke de voertuigen aan de nieuwe eisen moeten voldoen, indien de in gebruikneming na die dag of maand is gelegen. Bijvoorbeeld: een voertuig met een kenteken afgegeven in april 1967, behoeft niet aan de zwaardere remvertragingsnormen te voldoen die per 30 juni 1967 werden gesteld.
Let echter op: bij voertuigen die later in Nederland zijn ingevoerd en waarbij alleen het bouwjaar is opgegeven is de beoordeling anders! Door de bouwjaarbepaling staat het bouwjaar vast, maar de keuringseisen gelden vanaf een bepaalde dag of van maand van een jaar. Daarom zijn de keuringseisen voor een dergelijk voertuig van toepassing alsof zij pas in werking treden per 31 december van dat jaar!

Beoordelingswijze

De APK-keuring vindt als volgt plaats:

Voorbeeld: een personenauto waarvan de datum afgifte deel I is gesteld op 10 oktober 1974, terwijl onde bijzonderheden staat: 'bouwjaar 1965'. De reminrichting voldoet aan de in de keuringseisen vermelde criteria, alleen de remvertraging wordt vastgesteld op 5 m/s². Uitgaande van de datum afgifte deel I zou volgens de keuringseisen een vertraging van tenminste 5,2 m/s² behaald dienen te worden.
Daar dit voertuig echter onder de categorie historische voertuigen valt en het bouwjaar is gesteld op 1965, dient het gestelde in de keuringseis gelezen te worden als: 'bij motorrijtuigen waarvan het bouwjaar is gelegen voor 1967: 3,86 m/s², m.a.w. de vastgestelde remvertraging is voor dit voertuig dus geen grond voor afkeuren.

Keuringseisen

In de regeling is sprake van de interpretatie van enkele keuringseisen, die genoemd zijn ten behoeve van de APK van voertuigen. Voor motorvoertuigen ingericht voor het vervoer van ten hoogste 8 personen exclusief de bestuurder (lees: personenauto's) is deze interpretatie volgens de regeling van toepassing op de volgende keuringseisen:

Bedrijfsrem: op motorvoertuigen met bouwjaar gelegen na 30 juni 1967 moet, indien aanwezig, functioneren: Remwerking bedrijfsrem: remvertraging bij motorvoertuigen met bouwjaar voor 1 juli 1967: 3,86 m/s²; remvertraging bij motorvoertuigen met bouwjaar na 30 juni 1967: 5,2 m/s² bij een pedaaldruk van niet meer dan 50 kg.
Remwerking parkeerrem (handrem): remvertraging bij motorvoertuigen met bouwjaar voor 1 juli 1967: 1 m/s²; remvertraging bij motorvoertuigen met bouwjaar na 30 juni 1967: 1,2 m/s²; indien het remsysteem niet gescheiden is (hierbij moet de parkeerrem als noodrem functioneren) geldt 2,6 m/s².
Ruitenwissers: voertuigen met bouwjaar voor 1 juli1967 moeten tenminste een ruitenwisser hebben; bij bouwjaar na 30 juni 1967 moeten twee ruitenwissers aanwezig zijn of een die voldoende zicht geeft.
Ruitensproeiers: verplicht op voertuigen met bouwjaar gelegen na 30 september 1970.
Voorruitverwarming: verplicht op voertuigen met bouwjaar gelegen na 30 september 1970.
Snelheidsmeter: verplicht op voertuigen met bouwjaar gelegen na 30 juni 1967.
Autogordels: verplicht in voertuigen met bouwjaar gelegen na 1970.
Achterlichten: voertuigen met bouwjaar voor 1 juli 1967 moeten zijn voorzien van twee of vier achterlichten; bij bouwjaar na 30 juni 1967: twee achterlichten.
Achterreflectoren: moeten voorzien zijn van een goedkeuringsmerk bij bouwjaar na 30 juni 1967.
Stoplichten: motorrijtuigen met bouwjaar voor 1 juli 1967 moeten zijn voorzien van 1 (in het midden) of twee stoplichten; bij bouwjaar na 30 juni 1967: twee stoplichten.
Richtingaanwijzers:motorrijtuigen met bouwjaar voor 1 juli 1967 mogen zijn uitgerust met mechanische richtingaanwijzers.
Koolmonoxidegehalte:motorrijtuigen met bouwjaar voor 1974 behoeven niet aan de koolmonoxide-eisen te voldoen.

Houderschapsbelasting en schorsing

Sinds op 1 april 1995 de Wet op de Motorrijtuigenbelasting is gewijzigd - men spreekt ook wel van 'houderschapsbelasting' - is niet langer het daadwerkelijk gebruik van een voertuig op de openbare weg de grondslag om belasting te heffen, maar het enkele bezit vormt het belastbare feit. Ook het verzekeren en de APK-goedkeuring is verplicht voor elk voertuig dat men bezit. Men dient nu dus - of men nu gebruik maakt van het voertuig of niet - altijd aan een aantal verplichtingen te voldoen. Deze zijn afhankelijk van het soort voertuig en de ouderdom ervan.

Verplichtingen

Motorrijtuigenbelasting: alle soorten voertuigen van 25 jaar en ouder zijn vrijgesteld van het betalen van de motorrijtuigenbelasting zonder beperkende voorwaarden, met als uitzondering zware bedrijfsvoertuigen (meer dan 3500 kg). Voor laatstgenoemde categorie geldt de vrijstelling alleen bij hobbymatig gebruik.

APK verplichting: personenauto's en lichte bedrijfswagens (tot 3500 kg), jaarlijkse keuring als het voertuig drie jaar of ouder is. Motorrijwielen zijn vrijgesteld van de APK.

WA-verzekering: verplicht voor alle soorten voertuigen, ongeacht de ouderdom.

Vrijstelling motorrijtuigenbelasting

De vrijstelling is in 1995 automatisch verleend aan iedereen die op 1 april 1995 een personenauto of motorfiets/scooter had die in 1995 25 jaar was of werd. Iedereen die een 25+-bedrijfsvoertuig had moest de vrijstelling aanvragen. Iedereen die na 1 april 1995 een 25+-voertuig aanschaft moet zelf vrijstelling vragen. Dit geldt ook voor elk voertuig dat in 1996 of later 25 jaar wordt. U vraagt vrijstelling met een briefje en een fotokopie van het kentekenbewijs (deel 1 en 2). U stuurt dat naar CBM, Postbus 9047, 7300 GJ Apeldoorn.

Let op: u als houder van het voertuig wordt vrijgesteld. Verkoopt u het voertuig dan moet de nieuwe houder weer vrijstelling aanvragen.

Schorsing

Gebruikt men het voertuig niet, en wil of kan men niet voldoen aan genoemde verplichtingen, dan dient men de verplichtingen te laten schorsen. Door het schorsen wordt het kentekenbewijs ongeldig. Een schorsing is é&eacuten jaar geldig en kost voor personenauto's f 150,-; uitgezonderd zijn voertuigen ouder dan 15 jaar, hiervoor geldt een schorsingsbedrag van f 50,-. Vervolgschorsingen (indien verlengd voor de vervaldag) kosten jaarlijks (ook voor auto's jonger dan 15 jaar f 50,-. Een schorsing dient minimaal drie maanden te duren. Neemt men het voertuig binnen deze termijn weer in gebruik, dan dient men alsnog de volledige motorrijtuigenbelasting te betalen indien men geen vrijstelling heeft.
Sinds 1 januari 1996 is er voor verzamelaars een regeling, waarbij alle voertuigen van 15 jaar en ouder, waarvan het kenteken deel II op dezelfde naam staat, geschorst kunnen worden voor een bedrag van f 250,-.
Schorsing van een voertuig doet men op een (groter) postkantoor. Benodigd is deel 2 en kopie deel 3 (overschrijvingsbewijs) van het kenteken en een geldig legitimatiebewijs (rijbewijs). U krijgt een nieuw deel 2 waarop staat aangegeven tot wanneer het voertuig geschorst is.
Ontschorsen doet u ook op het postkantoor; u krijgt dan weer een nieuw 'schoon' deel 2. De verplichtingen gaan dan onmiddellijk in. De RDW heeft een brochure uitgegeven 'Uw auto of motor en het kentekenbewijs'. Hierin staat alles precies beschreven. De brochure is op het postkantoor verkrijgbaar.

Evenementen-regeling voor klassiekers

Binnenkort treedt een regeling in werking die er voor zorgt dat eigenaren van 'jonge' klassieke auto's (vijftien jaar en ouder) met geschorst kenteken gedurende maximaal zes dagen per jaar aan maximaal vier evenementen voor klassieke automobielen kunnen deelnemen zonder de schorsing ongedaan te hoeven maken. Tijdens het evenement en voor de rit erheen en terug hoeft dan dus geen wegenbelasting betaald te worden. Ook hoeft het voertuig geen geldige APK te hebben.

De evenementenregeling werd in april 1995 al aangekondigd door staatssecretaris Vermeend bij de behandeling van de Wet op de Motorrijtuigenbelasting. Door die wet werd de kentekenhouder verantwoordelijk voor drie voertuigenverplichtingen. De verzekeringsplicht is overigens uiteraard wel van toepassing voor degene die met zijn geschorste auto een evenement bezoekt. Het is de bedoeling dat de organisatie van een evenement de voor de regeling in aanmerking komende deelnemers aanmeldt bij het Centraal Bureau Motorrijtuigenbelasting.

terug naar de klaag index